Bliksembeveiliging

Brandveiligheid
Vanaf 2006 werd de wereldwijde norm NEN-EN-IEC 62305 deel voor deel van kracht.
Tot 2009 gold in ons land echter ook nog de nationale bliksembeveiligingsnorm NEN 1014.
Want een aantal goede voorschriften daarin kwam in de nieuwe wereldnorm niet meer terug.
De Nederlandse bliksembeveiligers hebben die vervolgens vastgelegd in de Nederlandse
Praktijk Richtlijn en die weer het nummer 1014 gegeven.

Nadat deze NPR in november 2009 verscheen is de oude NEN 1014 uit 1992 definitief ingetrokken.
Nu geldt ook hier de NEN-EN-IEC 62305 en bij de praktische invulling van die norm kan de
NPR 1014 worden gehanteerd. Als een van de laatste landen in Europa wordt de NEN-EN-IEC
62305 in Nederland nog altijd niet direct door wetgeving aangewezen. Ook niet in het nieuwe
Bouwbesluit dat op 1 april van kracht wordt.
En er wordt ook al niet meer naar verwezen in de nieuwe norm voor branddetectie- en
meldinstallaties,  de NEN 2535 die in 2009 verscheen.

Relativiteitsbeginsel
Maar zoals gezegd is het wél de sterkste manier om aan de primaire eisen direct in de wetgeving
te voldoen. Pieter Kremer ziet de jongste norm dan ook in steeds meer bestekken terug.
Dat heeft verschillende oorzaken. Om te beginnen zijn werkgevers en eigenaren van gebouwen
vanuit onder meer Arbo- en Bouwweten regelgeving verplicht te zorgen voor een veilig omgeving
voor hun werknemers en/of bezoekers.
Omdat de overheid zich bij de preventieve handhaving hiervan steeds verder terugtrekt en pas
onderzoek gaat verrichten naar aanleiding van ernstig letsel, kan het voldoen aan de NEN-EN-IEC
62305 in juridische kring worden beschouwd als bijdrage in de bewijslast, zijnde ‘het vermoeden
dat aan een eventuele verplichting tot het toepassen van bliksembeveiliging wordt voldaan’.

Hetzelfde geldt - ook wanneer er niet eens brand is uitgebroken - bij juridische geschillen over
economische (gevolg)schade door blikseminslag of overspanningspieken uit de buurt, waar de
beveiliging níet volgens de norm geregeld is. De norm wordt immers gezien als de meest actuele,
erkende stand der techniek.

Des te groter is het belang van de nieuwe bliksem- en overspanningsnorm, zo betoogt norm
commissielid Pieter Kremer, nu de nieuwe norm voor brandmeldinstallaties van kracht is geworden:
“Die NEN 2535 wordt namelijk wél bij wetgeving aangewezen, maar de bliksembeveiliging staat niet
meer in de nieuwste versie. Als de bliksembeveiliging niet voldoet, dan vliegt bij een blikseminslag
de hele brandmeldinstallatie eruit. Dan kan een eventuele brand ten gevolge van de inslag zich
gemakkelijk verder verspreiden door het gebouw en worden tal van andere onderdelen van de
brandbeveiligingsinstallatie niet meer aan gestuurd.”

NEN 3140
Toepassen van de norm is dus op zijn minst de sterkste manier om publieksrechtelijk aan te tonen
aan de primaire verplichtingen in de wetgeving te hebben voldaan. En civielrechtelijke verplichting
tot het toepassen van de nieuwe norm ontstaat, wanneer dat wordt vastgelegd in een overeenkomst
tussen de bliksembeveiligingsinstallateur en zijn opdrachtgever. Of in civielrechtelijke overeenkomsten
als verzekeringspolissen en financieringscontracten. Net als bij de NEN 3140-inspecties ziet Kremer
juist vanuit deze hoek de mate waarin de NEN-EN-IEC 62305 wordt toegepast groeien: “We worden
als maatschappij en economie juist nu steeds afhankelijker van geavanceerde technologieën.

Een ononderbroken voortgang en beschikbaarheid van tal van processen en voorzieningen wordt bijna
net zo belangrijk als de primaire veiligheid in de gebouwde omgeving. Sterker nog, in veel gevallen ís
continuïteit gelijk aan veiligheid. Denk maar aan de mogelijkheid gebouwen veilig te ontvluchten,
aan de verkeersregel- en managementsystemen, aan tunneltechnieken en aan de bediening van
bruggen en sluizen.

Als de verkeersaanduidingen en –meldingen boven de rijkswegen uitvallen staat heel Nederland stil!